Leer alle begrippen

geld
Een voorwerp of symbool dat waarde heeft, nu en in de toekomst. Je kan er mee ruilen, betalen, sparen en rekenen.
valuta
Een officieel betaalmiddel in een land. Voorbeelden: euro, dollar, yen.
rente
De prijs die je betaalt voor het lenen van geld. Of krijgt voor het uitlenen van geld.
geldvormen
De verschillende vormen die geld kan hebben:
chartaal geld
Munten en bankbiljetten. Geld dat stoffelijk is, dat je vast kan houden. Het wordt verzorgd door een centrale bank.
giraal geld
Tegoed op een betaalrekening of gewone spaarrekening. Het wordt verzorgd door een commerciële bank.
elektronisch geld
Tegoed op een chipknip. Het wordt verzorgd door een commerciële bank.
geldfuncties
De manieren waarop je geld kan gebruiken:
geld als ruilmiddel
Betalen van een goed of dienst.
geld als betaalmiddel
Betalen van een schuld. Een schuld ontstaat bijvoorbeeld als je een contract hebt afgesloten waarin je afspreekt op een later tijdstip iets te betalen; of als je een boete hebt gekregen.
geld als spaarmiddel of oppotmiddel
Geld ontvangen en niet uitgeven.
geld als rekenmiddel
Rekenen met geld. Bijvoorbeeld prijzen vergelijken, of uitrekenen hoeveel je moet verdienen om spullen op je verlanglijstje te kopen.
echtheidskenmerken
Eigenschappen van munten en bankbiljetten die moeilijk zijn na te maken.
specimen
Het betekent 'voorbeeld'. Staat vaak op nep-bankbiljetten die dienen als voorbeeld. Het voorkomt dat mensen ze gebruiken als echt geld.
hoeveelheid geld in omloop
Geld dat mensen en bedrijven hebben. Dus niet het geld bij banken.
centrale bank

De centrale bank is de baas over een valuta. Deze bank wil dat het geld goed is: echt en waardevast. Zij zorgt voor munten en bankbiljetten en houdt soms toezicht op commerciële banken.

De centrale bank van de euro is de Europese Centrale Bank (ECB). Het is het samenwerkingsverband van alle centrale banken in Europa die de euro hebben ingevoerd.

De centrale bank van de Amerikaanse dollar is de Federal Reserve Bank.

commerciële bank
Banken die giraal en elektronisch geld mogen uitgeven. Hiervoor krijgen ze een vergunnig van een centrale bank als ze aan bepaalde regels voldoen en zich hierop laten controleren.
pinpas
Pas waarmee je kan betalen via een elektronisch pinsysteem. Je hebt een pincode nodig om aan te tonen dat je de eigenaar van de pas bent. Het geld staat bij de bank.
chipknip
Pas waarmee je kan betalen via een elektronisch chipsysteem. Voor het opladen heb je een pincode nodig. Het geld staat dan op de pas.
acceptgiro
Een al ingevuld formuliertje dat je per post krijgt van de schuldeiser en waarmee je giraal kan betalen.
machtiging
In het geldverkeer: de toestemming aan iemand om een bedrag van jouw betaalrekening af te halen.
internetbetaling
Een betaling waarbij je via het internet contact maakt met je bank en vervolgens de bank de opdracht geeft om een bedrag over te maken.